Rouwen na zelfdoding

Algemene info

Ben ik een nabestaande?
Rouwproces na zelfdoding
Rouwen is: hard werken
Rouwen is: weer leven
Wat als rouw mijn leven blijft overheersen?
Ook kinderen en jongeren rouwen om het verlies van een dierbare

Ben ik nabestaande?

Een nabestaande na zelfdoding is iemand die in zijn of haar omgeving iemand heeft verloren door zelfdoding.

Nabestaanden zijn in de eerste plaats gezins- en familieleden (ouders, partner, kinderen, broers en zussen, grootouders, ...). Uit onderzoek weten we dat er per zelfdoding minstens 6 tot 10 nabestaanden direct betrokken zijn. Dit betekent dat er jaarlijks in Vlaanderen alleen al gemiddeld 9000 nabestaanden na zelfdoding bij komen. Maar ook voor vrienden, collega’s, leerkrachten, medeleerlingen, club- en verenigingsleden, spoorwegpersoneel, treinreizigers, politie of hulpverleners kan de zelfdoding van een geliefde, bekende of onbekende een diepe indruk nalaten. Het aantal indirect betrokken nabestaanden ligt dus nog vele malen hoger.

We kunnen hier de metafoor gebruiken van een steen die in een plas water valt. Dicht bij de inslag van de steen zijn de golven en impact het grootst. Deze golven deinen echter steeds verder uit en confronteren zo heel wat mensen met zelfdoding.

top

Rouwproces na zelfdoding

Iemand verliezen uit je nabije familie of vriendenkring is één van de meest ingrijpende gebeurtenissen in je leven. Rouwen is het verwerken van dat verlies en is een normaal proces van bewustwording. Je leert namelijk op je eigen tempo en op je eigen manier omgaan met de realiteit van het verlies en het feit dat het leven verder gaat zonder de fysieke aanwezigheid van je dierbare. Een aantal factoren zoals de (hechtheid van de) relatie die je had met de overledene, je eigen draagkracht en omgang met emoties, of de voorgeschiedenis, hebben een invloed op hoe je rouwt.

Rouwen na een zelfdoding heeft een aantal bijzondere kenmerken. Hieronder lichten we deze specifieke rouwthema’s of accenten waarmee je als nabestaande na zelfdoding geconfronteerd kunt worden, toe. Het is mogelijk dat je al deze emoties en gedachten zeer intens, tegelijkertijd en bijgevolg als tegenstrijdig ervaart. Het is ook mogelijk dat je deze nu (nog) niet voelt. Dat is normaal: ieder rouwt namelijk op zijn/haar eigen unieke manier. Deze verschijnselen hoeven niet altijd en bij iedereen voor te komen. Ook zijn ze niet verbonden aan een bepaalde periode in het rouwproces: ze kunnen dus op verschillende momenten tot uiting komen.

Schok en ongeloof

Het vernemen van het slechte nieuws kan een immense schok voor je zijn. Een schok die alleen maar groter wordt wanneer je getuige bent van de zelfdoding of je zelf het lichaam vindt. Het gewelddadige karakter van de zelfdoding, waarbij je soms het ernstig verminkte lichaam aantreft of moet identificeren, zorgt ervoor dat je deze beelden nadien kunt herbeleven. Soms kan dit resulteren in een posttraumatische stressstoornis. Lees er meer over in deze brochure.

‘Het is niet gebeurd’, ‘ik kan het niet geloven’, ‘hij komt ooit terug’. Het onder ogen zien van zelfdoding als doodsoorzaak kan zo pijnlijk zijn dat je het ontkent. Zeker wanneer de zelfdoding totaal onverwacht komt, zien we dit verschijnsel optreden. Dit kan leiden tot ontkenning van de doodsoorzaak, die vervolgens als ‘moord’, ‘een ongeluk’ of ‘een uit de hand gelopen spel’ wordt benoemd. Je kunt de doodsoorzaak ook voor anderen verhullen. Dit kan te maken hebben met schaamte en met de angst voor negatieve reacties. Wanneer je dit volhoudt, kan dit tot verdere complicaties in je rouwproces leiden, ook voor de ruimere omgeving van vrienden en kennissen.

Vraag naar omstandigheden

Nabestaanden gaan op zoek naar de precieze manier waarop de zelfdoding gepleegd is en de omstandigheden waarin het gebeurd is:

  • Wat is er precies gebeurd? Hoe?
  • Wat ging eraan vooraf? Wat was de aanleiding?
  • Wie was er (eerst) bij?
  • Hoe lang heeft het geduurd vooraleer hij/zij gestorven is?
  • Heeft hij/zij veel geleden?
  • Heeft hij/zij zich op het allerlaatste moment nog bedacht?
  • ...

Tal van vragen waarop je een antwoord probeert te vinden, door vragen te stellen aan vrienden, leerkrachten, collega’s, politie, omstanders, de huisarts, ... Of soms ook door zelf naar de plaats van de zelfdoding te gaan om te ervaren hoe het geweest moet zijn voor de overledene. Je vraagt je soms af of hij/zij, op het allerlaatste moment, tussen de poging en de uiteindelijke dood, zich niet meer bedacht heeft.

Waarom?

De allesoverheersende vraag is "Waarom?".

Als nabestaande kan je lang bezig zijn met zoeken naar motieven en verklaringen om de oorzaken van de zelfdoding beter te begrijpen. Dit hangt samen met het opzettelijke karakter van een zelfdoding en is dus uniek voor nabestaanden na zelfdoding.

Je leest boeken over zelfdoding, consulteert websites, woont lezingen bij, contacteert deskundigen, … in de hoop antwoorden te vinden en alle puzzelstukjes samen te leggen. Iets wat eigenlijk nooit lukt, de enige die de resterende stukjes kan inpassen is er immers niet meer.

Misschien heb je hoge verwachtingen van een afscheidsbrief in de hoop dat deze je meer kan vertellen over de mogelijke beweegredenen? Als er niet direct een afscheidsbrief gevonden wordt, ga je er misschien koortsachtig naar op zoek. Als de brief door de politie wordt meegenomen voor het onderzoek, kan dat een echte ramp zijn.

Toch blijken deze afscheidsbrieven voor vele nabestaanden vaak niet die verhelderende inhoud te bevatten die men verwacht. Het zijn meestal brieven die geschreven zijn met een vernauwing in het blikveld op het meest donkere en hopeloze eindpunt van het suïcidale proces.

Bovenal kan deze afscheidsbrief voor jou een grote emotionele betekenis hebben. Het is namelijk het laatste schrijven van je dierbare. Soms kan de brief je het gevoel geven dat de zelfdoding een bewuste keuze is of schrijft de overledene dat het niet jouw schuld is. Dat kan je innerlijke rust vergroten.

Verdriet, lusteloosheid en pijn

Er kunnen periodes zijn waarin je het zoeken opgeeft en waarbij gevoelens van lusteloosheid en wanhoop je overspoelen. Je slaapt onregelmatig en raakt je bed niet meer uit. Je hebt geen zin in eten klaarmaken en je wilt al helemaal de deur niet meer uit. Je hoort, ziet of ruikt de overledene nog. Het huilen stopt niet. Ook kan je je niet meer concentreren en ben je vergeetachtig.

Schuldgevoelens

Vanuit de waarom-vraag kom je vaak ook bij jezelf terecht. Je verwijt jezelf dat je de zelfdoding niet hebt kunnen voorkomen, dat je te weinig gedaan hebt of dat je iets gedaan hebt wat de zelfdoding mee heeft veroorzaakt: “Had ik maar…". Je kunt jezelf ook verwijten niets te hebben gemerkt, of de signalen onvoldoende te hebben onderkend. Sommige nabestaanden verwijten zichzelf dat zij wel nog leven (“survivor-guilt”).

Kwaadheid en verlatenheid

Schuldgevoelens gaan nogal eens samen met kwaadheid. Je kunt kwaad zijn op:

  • Jezelf: dat je te weinig gedaan hebt, spijt hebt over wat er gezegd en gedaan is of wat hij/zij juist heeft nagelaten;
  • De overledene: omwille van de emotionele pijn, de toegenomen verantwoordelijkheden, omwille van het gevoel bedrogen en achtergelaten te zijn of anderen pijn te berokkenen;
  • Anderen in de omgeving: je verwijt anderen te weinig gedaan te hebben om de zelfdoding te voorkomen;
  • Hulpverleners: "Ik heb overal hulp gezocht maar niemand kon ons helpen". Of je hebt wel hulp gevonden, maar je beschouwde die hulp niet als adequaat. Je denkt dat de zelfdoding te vermijden was geweest als hulpverleners tijdig hadden ingegrepen of andere maatregelen getroffen. Het beleid van de hulpverlenende instantie komt onbegrijpelijk over. Ook kan je bezwaren hebben tegen het optreden van de politie. Het bericht van de zelfdoding kan onzorgvuldig zijn overgebracht of je mocht de overledene niet meer groeten;
  • De media: omwille van het schenden van de privacy en de sensationele berichtgeving;
  • Een hogere macht, die dit allemaal heeft toegelaten;
  • De situatie

Angst en suïcidale gedachten

Zoals bij elk rouwproces kunnen suïcidale gedachten voorkomen. Deze kunnen veroorzaakt worden door een verlangen om bij de overledene te zijn of vanuit depressieve gevoelens. Nabestaanden na zelfdoding vormen een risicogroep om zelf ook door zelfdoding om het leven te komen.

Je kunt bang zijn voor ‘herhaling’ bij mensen waarmee je een sterke band hebt, zoals je kinderen. Je vreest dat zij zelfdoding nu ook als een mogelijke oplossing zien voor hun problemen. Dit kan soms leiden tot overbeschermende reacties.

Ook kan je bang zijn dat zelfdoding erfelijk bepaald is en andere familieleden hetzelfde lot wacht. Ten slotte kan een diepgewortelde angst ontstaan om een nieuwe relatie aan te gaan of je op één of andere manier aan andere mensen te binden. Je kunt ook angstig zijn over je eigen veiligheid.

Opluchting

Nabestaanden reageren niet zelden met een gevoel van opluchting (volgens cijfers uit onderzoek 1 op 10 nabestaanden). De dood betekent immers dat er een einde is gekomen aan de zorgen en angst over wat kon gebeuren. Een kans ook om je eigen leven weer in handen te nemen. Samenleven met iemand die een psychiatrische problematiek heeft (bijvoorbeeld schizofrenie, herhaalde depressies met suïcidale dreiging, bipolaire stoornis, borderline persoonlijkheidsstoornis) vraagt ook van de omgeving een inspanning.

Soms heb je als nabestaande al geanticipeerd op een mogelijk fatale afloop zodat je de oorzaak nu makkelijker kan leggen bij de psychische toestand en de psychiatrische ziekte.

Ook het gevoel dat de overledene nu eindelijk vrij is van zijn of haar lijden kan daarbij een rol spelen.

De omgeving: stigma, taboe, schaamte en isolatie

Na de zelfdoding volgen de eerste reacties uit de omgeving: soms warm en invoelend, soms bot en vol onbegrip. Meestal zijn ze goed bedoeld, maar in jouw beleving vaak onhandig en weinig gepast.

Vaak worden goede, intieme relaties in de periode na de zelfdoding veel hechter en steviger. Een zelfdoding kan leiden tot extra medeleven van anderen, juist vanwege het tragische karakter van het verlies. Oppervlakkige contacten en minder goede relaties kunnen er juist door verslechteren. Soms komt het voor dat de omgeving onprettig reageert omdat men zelfdoding afkeurt of niet goed weet wat te doen.

Heel vaak ervaar je het stigma en het taboe dat rust op zelfdoding. Je merkt dat de omgeving het overlijden ‘doodzwijgt’ of jou vermijdt. Mensen komen niet meer langs, spreken niet meer over de overledene en doen alsof er niets aan de hand is. Dat maakt het voor jou bijzonder moeilijk om te praten over je gevoelens of de zelfdoding met diegenen die kort bij je staan, namelijk vrienden, familie of collega’s.

Tegelijkertijd zien we ook dat er sprake kan zijn van 'zelfstigmatisatie'. Nabestaanden gaan zich soms isoleren van de omgeving vanuit de verwachting dat er toch geen sociale steun geboden zal worden of uit schroom. Je schaamt je misschien over de zelfdoding uit angst dat de buitenwereld een verkeerde indruk krijgt over jou en de overledene. Misschien denk je nu wel dat anderen jou als schuldige aanwijzen, wat je gevoelens van waardeloosheid en verlatenheid versterkt. Deze teruggetrokken houding kan voor jou een manier zijn om je energie te sparen en je volledig te richten op het rouwproces.

Geluk

Een rouwproces hoeft echter niet altijd uit negatieve emoties te bestaan. Samen met naasten mooie herinneringen ophalen aan de overledene kan bijzonder helend werken. Je leert intenser te leven en te genieten van de kleine dingen. Je kunt geluk toelaten, ondanks het verdriet. Ook dat is rouwen.

Herstel

Na een (soms lange) periode van hevige pijn en emoties, is het mogelijk dat je sombere gevoelens geleidelijk aan afnemen en je stilaan weer met andere dingen kan bezig zijn. Je kunt bij momenten al aan de toekomst denken en je interesse in sociale contacten neemt toe. Het herstel neemt vorm aan. Rouwen kent een golfbeweging: er zijn dagen die beter gaan maar er zijn momenten, zoals vakanties, feestdagen, de verjaardag en sterfdag van de overledene, waarop het verdriet en de pijn in alle hevigheid tevoorschijn kan komen. Verlies verwerken is immers niet hetzelfde als vergeten!

Leven na zelfdoding

Rouwen is doorwerken. Het is een activiteit die heel wat energie vergt. Hieronder geven we je enkele handvatten mee om een zelfdoding te verwerken.

top

Rouwen is: hard werken

  • Realiseer je dat bovenstaande rouwthema’s normale reacties zijn op een abnormale én traumatische ervaring. Dat deze reacties je vaak tegelijkertijd en in golven overspoelen kan heel verwarrend zijn. Toch is dit normaal.
  • Als je op je eigen manier afscheid kunt nemen is dat meestal een goede aanzet voor het rouwproces. Volg hierin je eigen gevoel en behoefte, ongeacht de reacties van anderen. Vraag er de tijd en ruimte voor. Het zal een blijvende steun voor je zijn in je verdere rouwproces.
  • Rituelen kunnen belangrijk zijn: een rouwbandje dragen, een tekst maken, een foto plaatsen, het inrichten van een herdenkingshoekje in het huis, een herdenkingsplechtigheid houden, woorden uitspreken, verdriet uitdrukkelijk delen met anderen, bloemen plaatsen, een kaarsje laten branden. Zoek naar een ritueel dat bij je past en dat jou helpt verwerken.
  • Soms kan je steun en kracht putten uit je geloof, ongeacht je levensbeschouwing.
  • Het is belangrijk om eerlijk te zijn met jezelf en het feit dat de dierbare stierf door zelfdoding onder ogen te zien, hoe pijnlijk of onvoorstelbaar dat ook is. De waarheid proberen te verstoppen of te verbloemen kan het voor jezelf en voor anderen moeilijker maken.
  • Probeer, zodra je eraan toe bent, het ‘hoe’ en het ‘wat’ van het gebeurde uit te diepen. Dit kan twijfels wegnemen en kan helpen om de waarheid te aanvaarden.
  • Blijf bezig met de vraag: ‘waarom?’. Zoek, vraag, puzzel, overloop alles wat gezegd en gedaan is… Blijf hiermee bezig zolang je het zelf nodig vindt, tot je niet langer het gevoel hebt dat je moet weten ‘waarom?’. Of tot je rust vindt met een gedeeltelijk antwoord.
  • Misschien worstel je met de gedachte dat jouw leven nu ook geen zin meer heeft. Dit kan een normale fase zijn. Naarmate je stilaan weer kunt deelnemen aan het ‘gewone’ leven, naarmate je de draad min of meer weer kan opnemen zal het gevoel dat alles zinloos is geworden meestal verdwijnen.
  • Wat je ook doormaakt, doet, voelt, denkt, … Je bent niet gek of ziek: je rouwt.
  • Probeer om de pijn niet te ontvluchten door medicatie, drugs, alcohol, seks, obsessief werken… Soms is medicatie (zoals antidepressiva) nodig om het ergste te overbruggen. Voel je niet schuldig omdat je (tijdelijk) niet zonder kan.
  • Probeer moment per moment te leven, dag per dag. Verder naar de toekomst kijken kan in het begin heel moeilijk zijn.
  • Het is normaal dat je ook fysieke pijn zoals hart- en maagpijn ervaart als gevolg van dit ingrijpende verlies.
  • Blijf voor jezelf herhalen dat jij nooit verantwoordelijk bent voor wat iemand anders doet. Er bestaat een hemelsbreed verschil tussen je schuldig ‘voelen’ en schuldig ‘zijn’.
  • Het is belangrijk om je gevoelens te uiten. Als je dat nu niet of onvoldoende doet, kunnen ze later misschien op een andere, ongezonde, manier tot uiting komen.
  • Geef jezelf de nodige tijd om te rouwen, uit je gevoelens zo lang en zo vaak het nodig is, heb geduld met jezelf en de anderen.
  • Blijf alert voor wat je voelt en stel af en toe vast welke vooruitgang je al hebt gemaakt. Het bijhouden van een dagboek of van notities kan daarbij een grote hulp zijn.
  • Geef jezelf toelating professionele hulp in te roepen als het nodig is. Hulp zoeken is geen teken van zwakte, maar juist een heel verstandige stap als je zelf voelt dat het nodig is.

top

Rouwen is: weer leven

  • Eens je je wat beter gaat voelen, kan er onverwacht een terugslag komen. Panikeer niet als dezelfde golven van emoties je weer overspoelen.
  • Probeer er in de mate van het mogelijke rekening mee te houden dat ook je andere gezinsleden, je nabije vrienden en familie, pijn en verdriet hebben en zij op hun eigen manier met hun verdriet omgaan.
  • Zoek iemand die naar je luistert, bij wie je jezelf kan zijn, bij wie je telkens weer je verhaal kunt doen.
  • Jij moet dit verlies zelf doorworstelen, maar dat betekent niet dat je het alleen moet doen.
  • Weet dat er gespreksgroepen voor nabestaanden na zelfdoding zijn. Daar kan je alles met lotgenoten delen wanneer je daar behoefte aan hebt. Je kan er erkenning en herkenning vinden.
  • Na een tijd, als je eraan toe bent, geef dan toe aan de behoefte om eens te lachen. Het is niet abnormaal om tegelijkertijd zowel vreugde als verdriet te voelen.
  • Zoek uit welke activiteiten je, stapje voor stapje, stilaan (weer) kan opnemen in je gezin, in je werksituatie, in je vrije tijd, in één of ander vrijwilligerswerk.

Na de zelfdoding van een geliefd persoon blijft niets meer hetzelfde. Er is een tijd vóór de zelfdoding en een tijd erna. Het gemis zal nooit voorbij gaan maar ondanks (of misschien zelfs dankzij) het gebeuren kan je, na een zekere tijd, wellicht weer levenskwaliteit, liefde, geluk, verbondenheid, blijdschap en verwondering ervaren. Ook al lijkt het op dit moment volkomen ondenkbaar: weet dat je met de brokstukken van deze ruïne nog kan bouwen aan een leven met een nieuwe zingeving.

Rouw in je eigen tempo, op je eigen wijze, in je eigen tijd. Rouwen mag!

top

Wat als de rouw mijn leven blijft overheersen?

Op rouwen staat geen tijd. Het is een misvatting dat je al na zes maanden over het verlies van een dierbare heen moet zijn. De meeste mensen rouwen dan ook op een heel normale, niet-problematische manier. Zij zoeken en vinden steun in hun omgeving, laten het verlies stilaan doordringen en gaan uiteindelijk (na soms lange tijd) verder met hun leven. Dit doen ze elk op hun eigen tempo, op hun eigen manier en in hun eigen tijd.

Een klein aantal nabestaanden loopt echter vast in zijn/haar rouwproces. We spreken dan van ‘gecompliceerde’ rouw. Je merkt dat de rouw je leven blijft beheersen: je reacties blijven heel intens, net alsof het verlies gisteren heeft plaatsgevonden. Het verlies en de pijn blijven zo op de voorgrond staan dat het je belemmert in je dagelijkse functioneren. Er is met name een ‘te veel’ aan rouwreacties. Je voelt je depressief of je hebt suïcidale gedachten. Anderzijds is het ook mogelijk dat er ‘te weinig’ rouwreacties zijn. Je blijft het zo moeilijk vinden om je verdriet toe te laten of om aan de overledene te denken omdat je angstig wordt van je eigen emoties. Je mijdt bepaalde plaatsen (bijvoorbeeld een slaapkamer) of voorwerpen (bijvoorbeeld een gitaar) die je doen denken aan de overledene. Ook dit hoeft niet abnormaal te zijn in een rouwproces, maar het kan best vervelend worden na verloop van tijd.

Hoe gecompliceerde rouw ontstaat, is moeilijk te verklaren. Er zijn heel wat persoonlijke factoren die de rouw kunnen bemoeilijken. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk dat de overledene een belangrijke rol speelde in je leven, dat je op korte tijd bijkomende verliezen geleden hebt (hetzij door overlijden, hetzij doordat anderen afstand van je genomen hebben), dat de relatie met de overledene bijzonder intens was, dat je zelf een negatieve(re) kijk hebt op het leven en/of dat je geen of nauwelijks steun ontvangen hebt van je omgeving.

Rouwtherapie kan je helpen om het rouwproces weer op gang te krijgen. Zoek hier een psycholoog of vraag informatie bij Werkgroep Verder.

top

Ook kinderen en jongeren rouwen om het verlies van een dierbare

Van jongs af aan hechten kinderen zich aan mensen om hen heen, wat betekent dat zij ook verlies en verdriet kunnen ervaren. Hoe kinderen kunnen en mogen rouwen, zal een belangrijke invloed hebben op hun verdere ontwikkeling. We spreken hier over ‘kinderen’; daarmee bedoelen we zowel kinderen als jongeren.

Rouwproces na zelfdoding bij kinderen

Afscheid nemen van een dierbare is voor kinderen, net als voor volwassenen, een proces dat gepaard gaat met veel intense emoties. Een kind zal zijn/haar emoties echter op een eigen manier uiten, die niet altijd goed te begrijpen is voor volwassenen. Zo kan een kind na een huilbui plots weer opgewekt gaan spelen in de tuin. Het kan ook zijn dat een tiener liever met vrienden over het verlies praat dan met de eigen ouders. Ook dat is gezond en eigen aan de leeftijd. Rouwen is namelijk een zware taak, ook voor hen.

De rouwreacties van kinderen komen in grote mate overeen met die van volwassenen: de schok, het ongeloof, het doordringen van het verlies, de kwaadheid, de angst, ... .

We zien echter wel dat bij kinderen de gevoelens van verlatenheid en schuld sterk op de voorgrond komen te staan. Vragen als “Was ik niet lief genoeg?", "Was ik niet de moeite waard om voor te blijven leven?” zijn erg herkenbaar. Daarom is het belangrijk dat je kinderen zoveel mogelijk betrekt en op hun eigen manier laat ervaren wat er aan de hand is.

Wat vertel ik mijn kind?

Dit is een vraag die vaak gesteld wordt na de zelfdoding van een dierbare. Het antwoord: de waarheid.

Veel volwassenen denken nog steeds dat je kinderen de waarheid over de doodsoorzaak niet moet vertellen, om hen te beschermen. Meestal is het tegenovergestelde waar. Kinderen misleiden, de waarheid ontwijken of fabeltjes vertellen over de manier waarop iemand gestorven is, kan meer kwaad dan goed doen. Als ze de waarheid van iemand anders moeten horen, kan het vertrouwen tussen ouder en kind zoek raken. "Niet weten" kan ook angstaanjagend en pijnlijk zijn: de fantasie is immers meestal erger dan de realiteit.

Bovendien kan het niet inlichten van kinderen het rouwproces bemoeilijken. Een kind moet immers als het opgroeit wel geloven dat wat het ziet en hoort waar en echt is. Om juiste oordelen te kunnen vellen en om van ervaringen te leren, moet het ervan uit kunnen gaan dat die ervaringen een juiste weergave van de werkelijkheid zijn.

Wanneer volwassenen de omstandigheden van de dood van een ouder of andere geliefde goedbedoeld ontkennen of verdraaien, beschadigen ze het geloof van een kind in zijn of haar juiste waarneming van de werkelijkheid.

Hoe kan ik een zelfdoding uitleggen en verklaren aan kinderen en jongeren?

Ook al lijkt het onmogelijk en té ingewikkeld om te doen of zelfs te proberen, toch is dat precies wat je moet doen: het proberen.

Om zeker te zijn dat je uitleg eerlijk en steunend is, kan het helpen om het gesprek voor te bereiden. Eventueel kan je hierbij beroep doen op een familielid, leerkracht, CLB-medewerker, hulpverlener, of een medewerker van Werkgroep Verder. Je kan het onderwerp ook bespreekbaar maken aan de hand van verschillende voorlees-, werk- en doe-boeken.

Hoeveel ze begrijpen en hoeveel informatie je kunt geven, is uiteraard afhankelijk van de leeftijd van het kind. Stem je antwoorden en informatie af op de ontwikkelingsleeftijd van het kind. Sommige kinderen zullen tevreden zijn met een antwoord van een tweetal zinnen, anderen zullen voortdurend vragen blijven stellen; vragen die ze trouwens moeten kunnen stellen en die ook beantwoord moeten worden. Hier lees je meer over het rouwproces bij kinderen en leeftijdsgebonden rouwreacties.

Herhaal je antwoorden als dat nodig is en controleer of de kinderen begrepen hebben wat je wou verduidelijken. Luister naar hun vragen en bezorgdheden en laat de kinderen ruimte om hun gevoelens te uiten. Aanvaard wanneer kinderen niet blijven luisteren. Het is een normale reactie van kinderen in dergelijke pijnlijke situaties.

Wanneer kinderen gehoord hebben dat de doodsoorzaak zelfdoding is, kan één van hun eerste vragen zijn: "Wat betekent zelfdoding?". Je kunt uitleggen dat mensen op verschillende manieren kunnen sterven - mensen sterven door kanker, hartaandoeningen, verkeersongevallen, ... en dat bij een zelfdoding iemand zichzelf doodt. Wanneer kinderen vragen hoe, wees ook hier eerlijk, ook al is het zo moeilijk te verklaren.

Hieronder vind je enkele voorbeelden om uit te leggen waarom iemand zichzelf om het leven heeft gebracht:

"Mama had een ziekte die we depressie noemen en die heeft ervoor gezorgd dat ze overleden is."

Als een kind zelf behandeld wordt voor een depressie, is het cruciaal te benadrukken dat niet alle depressieve mensen sterven door zelfdoding. Beklemtoon ook dat er verschillende manieren zijn om hulp te zoeken en te krijgen, bv. medicatie, psychotherapie of een combinatie van beide.

Een meer gedetailleerde uitleg kan zijn :

"Onze gedachten en gevoelens komen uit onze hersenen. De hersenen van iemand kunnen soms heel erg ziek worden. Deze ziekte kan ervoor zorgen dat iemand zich heel slecht voelt vanbinnen. Het zorgt er ook voor dat iemands gedachten verward en door elkaar geschud worden, zodat hij/zij niet meer helder kan denken. Sommige mensen kunnen aan niets anders meer denken dan aan manieren om dit slechte gevoel vanbinnen te stoppen. Ze begrijpen niet dat ze zich zo niet hoeven te voelen, maar dat ze hulp kunnen zoeken en krijgen."

Het is voor kinderen belangrijk te horen en te weten dat de gestorven persoon van hen hield, maar dat omwille van de depressie (of ander ziektebeeld) de overledene dit niet overtuigend kon overbrengen en duidelijk maken. Het is ook van belang dat hen wordt verteld dat de overledene omwille van diezelfde ziekte niet meer kon inschatten hoe nabestaanden zich zouden voelen na zijn of haar zelfdoding. Kinderen moeten tevens weten dat de zelfdoding niet hun schuld is, en dat niets wat ze gezegd of gedaan hebben ervoor gezorgd heeft dat die persoon zichzelf gedood heeft.

Sommige kinderen kunnen ook vragen stellen rond de morele gronden van suïcidaal gedrag: goed/slecht - juist/fout. Het is best om uit dit delicate discussieveld te blijven. Een zelfdoding is geen van deze, het is iets wat kan gebeuren wanneer de pijn groter wordt dan de kracht en de energie om met die pijn te leven.
Welke aanpak je ook hanteert bij het bespreken van een zelfdoding met kinderen, het is belangrijk dat kinderen weten dat ze erover kunnen en mogen praten en dat ze vragen kunnen stellen als ze dat willen. Laat hen weten dat er mensen zijn die bereid zijn te luisteren. Vertel hen ook dat ze zich niet altijd zo zullen voelen, dat het zal verbeteren en dat er steeds mensen zullen zijn die hen graag zien en die voor hen zullen zorgen, om het even wat er ook gebeurt.

Hoe kan ik mijn kind helpen rouwen?

Zorg dat kinderen beseffen dat ze hun gevoelens openlijk mogen tonen zonder dat ze daarvoor veroordeeld worden, en dat je hen als ouder zal steunen om met deze ervaringen te kunnen omgaan.

Net zoals volwassenen, hebben kinderen tijd nodig om hun eigen reacties te kunnen begrijpen. Vaak kennen kinderen echter minder manieren om hun emoties te uiten. De verwarrende gevoelens kunnen gemaskeerd worden door hun gedrag, dat bijna gewoon lijkt. Kinderen kunnen ook rouwen zelfs al wenen ze niet, lijken ze niet verdrietig en gedragen ze zich niet zoals we verwachten.

Tips om kinderen te helpen:

  • Het is belangrijk om eerlijk te zijn. Geef de juiste informatie op een liefdevolle en meelevende wijze. Vaak is het nodig de informatie een aantal keer te herhalen.
  • Praat erover met al de kinderen, ook de jongste.
  • De uitleg moet helder en direct zijn. Gebruik geen verzachtende woorden of vage omschrijvingen die kinderen niet begrijpen. Zeg "dood". Andere woorden als "slapen", "weg" impliceren dat die persoon terugkomt. Geef de feiten en geef antwoord op de vragen, zonder onnodige details.
  • Probeer ook na te gaan wat kinderen denken. Vraag wat ze denken dat er gebeurd is en wat ze gehoord hebben.
  • Luister zorgvuldig, ook naar hun vragen. Geef eerlijk antwoord op eventuele vragen en wees consistent in het vertellen van de waarheid over de zelfdoding. Als je geen antwoord hebt, verzin niets of ga niet raden. Geef toe dat je het niet weet.
  • Wees bewust van mogelijke schuldgevoelens bij de kinderen. Verzeker hen ervan dat het hun fout niet is en was.
  • Geef de kinderen tastbare herinneringen van de overledene om te koesteren (vb.: een pet, trui, horloge, ...).
  • Wanneer je niet bereikbaar bent, zorg er dan voor dat iemand - een vertrouwenspersoon - aanwezig of in de buurt is.
  • Kinderen moeten op de hoogte gebracht worden dat een zelfdoding een individuele zaak is. Ook al doen gezinsleden dit, toch kunnen volwassenen en kinderen altijd kiezen om het niet te doen.
  • Maak duidelijk dat er andere en betere manieren zijn dan zelfdoding om problemen op te lossen.
  • Betrek de kinderen bij de begrafenis en geef hen de kans om afscheid te nemen van hun dierbare. Leg uit wat er allemaal zal gebeuren op de begrafenis.
  • Breng de school op de hoogte van het overlijden, en vertel je kinderen dat je dit zult doen, ook al willen ze dit niet. Het is beter voor de kinderen dat de leerkracht en andere kinderen van het overlijden op de hoogte zijn, dan hen ervan te moeten verdenken dat ze ervan op de hoogte zijn.
  • Moedig kinderen aan hun verdriet en rouw te delen met de anderen thuis en met vertrouwenspersonen buiten de familie.
  • Praat ook over jouw gevoelens. Als je verdrietig lijkt of weent, leg uit waarom. Leg uit dat je verdrietig bent en dat deze onplezierige gevoelens niets met hen te maken hebben, maar dat je aan het rouwen bent. Je kunt kinderen helpen rouwen door hen jouw tranen te laten zien, door samen met hen te huilen en door hen te laten weten dat het normaal en begrijpelijk is om geschokt te zijn.
  • Praat over het overleden familielid. Verzwijg hem/haar niet.
  • Neem zo snel mogelijk de dagelijkse bezigheden en routines weer op. Kinderen voelen zich daar veiliger bij.
  • Maak duidelijk aan de kinderen dat ze beschermd worden en veilig zijn. Wanneer ze zich veilig voelen zullen ze hun rouwproces kunnen doorwerken. Af en toe een knuffel kan daarbij wonderen verrichten.
  • Probeer het gedrag van je kinderen te begrijpen. Als ze er geen woorden voor hebben, zullen ze hun verdriet in gedrag tonen (bijvoorbeeld door woedeaanvallen).
  • Praat over slechte dromen, of laat de kinderen bijvoorbeeld een tekening maken over de droom. Laat hen de tekening verscheuren en weggooien. Zo kunnen ze met dergelijke dromen leren omgaan.
  • Je kunt ook samen met hen een kinderboek lezen rond de dood. Dergelijke boekjes vind je op de website van Werkgroep Verder.
  • Panikeer niet als kinderen spelen rond het thema leven en dood of de zelfdoding naspelen. Dit is voor hen een manier om hun angsten en verdriet te verwerken.
  • Het is betekenisvol voor kinderen om iets te doen om de overledene te herdenken. Denk aan rituelen zoals samen een boeketje maken om bij de foto van de overleden te plaatsen.
  • Maak plannen voor de kinderen zodat er iets is om naar uit te kijken, zoals een vakantie of andere leuke dingen.
  • Kijk samen naar foto's van de overledene en blijf de naam van de overledene uitspreken.
  • Laat kinderen kinderen blijven. Belast hen niet te veel door beroep op hen te doen om jou te ondersteunen.

Uiteraard moet er flexibel met deze tips omgegaan worden. Het zijn aandachtspunten. Niet alles kan en moet tegelijkertijd aan bod komen. Er is voor alles een gepaste tijd en een gepast moment.

 

 

© Zelfmoord1813 - disclaimer

Creatie: Kunstmaan